inline/alertinline/chevron-leftinline/chevron-left-aquainline/chevron-rightinline/chevron-right-aquainline/clearinline/logininline/logoutinline/menu-closeinline/menu-openinline/modal-closeinline/modal-close-whiteinline/next-aquainline/play-largeinline/pointer-moreinline/previous-aquainline/searchinline/social-facebookinline/social-instagraminline/social-linkedininline/social-twitterinline/social-youtube

Kerstlampjes van zolder of in de etalage? Let op verkleurde stekkers en rare luchtjes

In december komen er allerlei apparaten en verlichte ornamenten tevoorschijn. Etalages en kantines staan vol met zwaaiende pieten, dravende rendieren en stralende kerstbomen. Winkels, tuinen en huizen worden volop in het licht gezet. Binnen komen de elektrische gourmetsets en warmhoudplaten op tafel.

Heel gezellig allemaal. De afdeling Risicobeheersing van Interpolis geeft graag een paar tips om het ook gezellig te houden. Thuis en op het werk.


Het verschil tussen kortsluiting en overbelasting
Iedereen denkt meteen aan kortsluiting als het gaat over de risico’s van elektriciteit. Maar daarin schuilt niet het grootste gevaar. Bij kortsluiting is er een verbinding tussen twee elektrische geleiders waardoor een hoge stroom gaat lopen. Bij kortsluiting springt een zekering of slaat de aardlekschakelaar uit. Het gevaar is daarna meestal wel geweken.

Bij overbelasting is juist sprake van een te hoge weerstand in het stroomcircuit. Op de plek waar de weerstand het hoogst is, vindt overbelasting plaats. Hierdoor stijgt de temperatuur. Die kan zo hoog worden dat er brand ontstaat. Kortsluiting merk je meteen. Overbelasting meestal niet.

Overbelasting is verraderlijk omdat het lang kan duren voordat je er iets van merkt. En dan is er vaak al sprake van schroeien, smeulen of zelfs brand. Let daarom op verkleuring van snoeren, stekkers en apparaten. Dit kan duiden op te hoge temperatuur. Gebruik ook je neus. Te hete kabels, contactdozen, stekkers en apparaten ruik je vaak eerder dan dat je ze ziet.


Tien elektra tips
Overbelasting en hittevorming ontstaan als een verbinding niet goed is. Berucht zijn bijvoorbeeld kroonsteentjes. Deze verbinding heeft veel weerstand. Ook ontstaat overbelasting wanneer teveel apparaten op een enkele toevoer zijn aangesloten. Er moet dan te veel stroom door een enkele draad, stekker of ander contact.


Zo voorkom je overbelasting
  1. Sluit apparaten die een vaste plek hebben aan op een vaste contactdoos. Gebruik geen verlengsnoeren. Bedenk dat elke overgang de weerstand verhoogt en dus de kans op oververhitting.
  2. Rol kabelhaspels altijd helemaal af. Ook als je de lengte niet nodig hebt. In een opgerolde haspel kan de warmte niet weg. Trek om dezelfde reden ook bij stofzuigers altijd het hele snoer naar buiten. Gebruik een verlengkabel of haspel alleen tijdelijk en kies er een van deugdelijke kwaliteit die afgestemd is op het aangesloten vermogen.
  3. Gebruik meterkasten niet als opslagruimte. Maar al te vaak ontstaat juist hier overbelasting. Dan heb je liever geen brandbaar materiaal in de buurt. Plaats in de meterkast een rookmelder. Klik hier voor meer informatie over rookmelders.
  4. Heb je een lang snoer nodig, gebruik dan nooit een kroonsteentje om een verbinding te maken. Gebruik alleen deugdelijke, goed geïsoleerde verlengsnoeren en haspels.
  5. Gebruik de juiste diameter bedrading om verbindingen te maken. In een dun snoertje loopt de weerstand – en dus de temperatuur – snel op. Een straalkacheltje aansluiten met een speakersnoertje is vragen om problemen.
  6. Let op scherpe randen die elektriciteitsdraden kunnen beschadigen. Op de plaats van een beschadiging neemt de weerstand toe. En de kans op kortsluiting. Zorg dus voor bescherming tegen slijtage.
  7. Herstel kapotte draden, stekkers en contactdozen meteen. Ga niet in de weer met plakband of andere lapmiddelen. Vervang knipperende en roodgloeiende TL buizen direct. Door de opgebouwde hitte kunnen deze buizen knappen. De gloeiende delen kunnen brand veroorzaken.
  8. Sluit zo min mogelijk apparaten aan op hetzelfde contactpunt. Ga uit van maximaal 2500 watt voor alle apparaten samen. Dan zit je aan de veilige kant.
  9. Laat veranderingen aan de elektrische installatie uitsluitend uitvoeren door bevoegde installateurs. Zorg dat de elektrische installatie in je bedrijf voldoet aan de NEN1010 en de NEN 3140. Lees hier meer over het opbouwen van elektrische installaties.
  10. Laat in je bedrijf periodiek een thermografisch onderzoek uitvoeren. Hierbij worden met een infraroodcamera temperatuurverschillen en overbelasting in de elektrische installatie opgespoord. Bij een dergelijk onderzoek kan en moet de elektrische installatie in gebruik zijn. Je bedrijf hoeft niet stilgelegd te worden.
 
Meer weten over het voorkomen van kortsluiting in uw bedrijf? Lees voor meer informatie de Preventiekaart Elektra