inline/chevron-leftinline/chevron-left-aquainline/chevron-rightinline/chevron-right-aquainline/clearinline/logininline/logoutinline/menu-closeinline/menu-openinline/modal-closeinline/modal-close-whiteinline/play-largeinline/pointer-moreinline/searchinline/social-facebookinline/social-instagraminline/social-linkedininline/social-twitterinline/social-youtube

Verstikkingsschadeverzekering

Alarmeringssysteem verplicht
Voor de verzekering van uw dieren tegen de gevolgen van verstikking is een goede alarmering verplicht. Dit systeem moet in werking treden zodra de regelapparatuur uitvalt, onjuist functioneert en/of het detectiesysteem wordt onderbroken. 

U kunt alleen een schadevergoeding ontvangen als u een alarm ontvangt en hierop snel en passend reageert. Een passende reactie betekent dat u maatregelen neemt die de gevolgen van uitval van apparatuur beperken.
Eisen alarmeringssysteem
Het alarmsignaal reageert direct bij: 

1-fase ventilatoren
  • Uitval van de voedingsspanning van elke ventilatoreindgroep.
  • Uitval van voedingsspanning naar de mestbandbeluchting - als deze bij de ventilatiecapaciteit hoort. 

3-fase ventilatoren

  • Uitval van één van de 3-fasen naar elke ventilator eindgroep of naar de frequentieregelaar. 
  • Uitval van de stuurspanning. 
  • Uitval van één van de 3 fasen naar de frequentieregelaar. 
  • Alarmsituatie van één van de parameters (bijvoorbeeld thermisch). 

Aandachtspunten 
  • Op een 3-fase ventilatoreindgroep zijn geen andere verbruiker(s) aangesloten.

  • Per dierverblijfsruimte is er een minimum en maximum temperatuuralarm ingesteld. 

  • Elke ventilator is voorzien van een overbruggingsschakelaar (hand-0-automaat). Dit is een schakelaar waarmee de voedingsspanning direct op de ventilator gezet kan worden, buiten alle beveiligingen en regeltechniek om.

  • Wordt het stalklimaat automatisch geregeld op basis van relatieve luchtvochtigheid? Dan worden afwijkingen in de deze luchtvochtigheid ook gealarmeerd. 


Ontvangst alarm
  • Het akoestische alarmsignaal wordt altijd ontvangen door minimaal één persoon. De ontvanger van deze melding kan direct reageren.

  • De alarmdoormelding via een telefoonkiezer gaat altijd naar minimaal 2 telefoonnummers. De ontvanger van deze melding kan direct reageren.

  • De alarmdoormelding gaat bij voorkeur naar een semafoon (pieper). Als hierop niet binnen 5 minuten wordt gereageerd, gaat de alarmmelding naar een tweede telefoonnummer (GSM of vaste lijn).

  • De telefoonkiezer heeft een overspanningsbeveiligingen voor de telefoonlijn en de voeding.

  • De telefoonkiezer is als eerste op de telefoonlijn aangesloten, zodat de alarmdoormelding altijd voorrang krijgt.

  • Gebruik bij de alarmdoormelding via een telefoonkiezer de optie “reset door terugbellen”. Als u niet terugbelt om ontvangst te bevestigen, gaat de alarmmelding door naar de volgende persoon.

  • Noodvoeding en/of accu’s in de alarmunit en de telefoonkiezer mogen niet ouder zijn dan 2 jaar. Behalve als de alarmunit of de telefoonkiezer een accuzelftest-indicator heeft. Dan is vervanging pas nodig als de indicator dit aangeeft. 


Telefonie  

I.S.D.N. 
  • De I.S.D.N.-centrale heeft een noodstroomvoorziening
  • Voor het NT-kastje zit een overspanningsbeveiliging
A.D.S.L. 
  • Een A.D.S.L.- pakket op de telefoonlijn kan een alarmmelding verstoren of blokkeren.
  • Alarmering via A.D.S.L. is alleen toegestaan als de juiste splitter wordt gebruikt. 

GSM 

  • Het GSM netwerk is niet geschikt voor alarmeringen. Een semafoon, het liefst in combinatie met een sirene en meerdere telefoonnummers biedt de meeste zekerheid.
Internet 
  • Alarmering via internet is voor agrariërs geen goed alternatief. Internet is in buitengebieden vaak onbetrouwbaar.

Satelliet 

  • Een alarmering via de satelliet – speciaal voor agrariërs – is wel een goed alternatief. Deze verbinding is betrouwbaar en controleert elke minuut de verbinding tussen systeem en alarmcentrale. Dit geeft u 99,9% zekerheid
Meer informatie vindt u op AgroAlarm.nl