Een dierbare is overleden

Wat u van ons kunt verwachten in deze moeilijke periode
Is uw dierbare overleden? Wij wensen u veel sterkte. In deze moeilijke periode moet u veel regelen. En u moet het verlies verwerken. Wij begrijpen dat er veel op u af komt. Daarom helpen we u zo goed mogelijk. Lees de stappen die hieronder staan goed door. Zo weet u precies waar u aan toe bent. Wat we van u verwachten. En wat u van ons kunt verwachten.

1. Meld ons het overlijden van de verzekerde

Laat het ons zo snel mogelijk weten als de verzekerde is overleden. Wij zorgen ervoor dat we geen premies meer afschrijven. Zijn er premies betaald na de maand van het overlijden? Die betalen wij terug.


De Rabobank helpt u graag om de verzekeringen van de overledene bij Interpolis te stoppen of te veranderen. Geeft u het overlijden door aan de Rabobank.? Dit kan telefonisch of online. Via rabobank.nl regelt u alle bankzaken van de overledene, zoals het veranderen van de verzekeringen.

2. U krijgt van uw Rabobank een brief

Uw Rabobank stuurt u binnen een werkdag een brief nadat zij het bericht van overlijden heeft ontvangen. In de brief staat welke gegevens wij van u nodig hebben om uit te kunnen keren.


Hieronder leest u welke gegevens wij wanneer nodig hebben.

Welke gegevens hebben we altijd nodig om uit te kunnen keren?
  • Een kopie van de overlijdensakte. Neem hiervoor contact op met de gemeente waar de verzekerde is overleden.
  • Burgerservicenummer (BSN) van de verzekerde.
  • Oorzaak van overlijden.
  • Naam, adres en woonplaats van de huisarts van de verzekerde. Deze gegevens hebben we nodig voor de onafhankelijke Toetsingscommissie Gezondheidsgegevens (Den Haag). Deze commissie kunnen wij inschakelen als we de oorzaak van overlijden onderzoeken.
  • Naam, adres, woonplaats en geboortedatum van de begunstigde(n).
  • Kopie van het identiteitsbewijs van de begunstigde(n).
  • Handtekening(en) van de begunstigde(n).
  • IBAN-rekeningnummer van de begunstigde(n).
Welke gegevens hebben we nodig om uit te kunnen keren als de verzekering is verpand?
  • Een ondertekende verklaring van de pandhouder. Hierin staat welk bedrag we aan de pandhouder moeten uitkeren. En de informatie die we nodig hebben om het bedrag over te maken.
  • Informatie over een ondertekende en geldige betalingsopdracht / partnerverklaring. Dit document wordt om belastingredenen gebruikt. Voor de belasting gaat de uitkering naar de begunstigde. Maar wij keren uit aan de pandhouder. De pandhouder is er zo zeker van dat een schuld wordt terugbetaald. Bij een hypotheek bijvoorbeeld.
Welke gegevens hebben we soms nodig om uit te kunnen keren?
  • Een verklaring van erfrecht. Deze hebben we bijvoorbeeld nodig als meerdere kinderen of meerdere erfgenamen de uitkering krijgen. In de verklaring van erfrecht staat dan genoemd wie de kinderen of erfgenamen zijn. Een verklaring van erfrecht vraagt u op bij de notaris. Een notaris rekent hiervoor kosten.
  • Een testament, als dat er is.
  • Extra gegevens, bijvoorbeeld als de verzekerde is overleden in het buitenland.

3. U stuurt alle gegevens die wij nodig hebben

Hoe sneller wij alle gegevens binnen hebben, hoe sneller wij kunnen uitkeren.

4. Wij beoordelen of we kunnen uitkeren

Hebben we alle gegevens binnen? Dan beoordelen we of we meteen kunnen uitkeren. Zo ja, dan doen we dat binnen 10 werkdagen.

5. Soms hebben wij meer informatie nodig of doen wij een onderzoek

  • Bijvoorbeeld als de verzekerde kort na de start van de verzekering overlijdt.
  • Of bij een overlijden in het buitenland.
  • Of als we fraude vermoeden.
Hebben we meer informatie nodig? Of willen we meer onderzoek doen? Dan krijgt u hierover een brief, soms met een vragenlijst.
Soms is nog een onderzoek nodig door de Toetsingscommissie Gezondheidsgegevens

Bij de start van de verzekering vragen wij om gezondheidsgegevens. Deze gegevens beoordelen wij. Om te bepalen of de verzekering kan starten. Het is volgens de wet verplicht dat de verzekerde de vragen op de gezondheidsverklaring eerlijk beantwoordt. En geen informatie achterhoudt. Ook als wij om meer gegevens vragen. Dat noemen we ‘mededelingsplicht’.


Als wij denken dat de verzekerde ons niet alle informatie gaf, doen we verder onderzoek. Dan sturen we de gegevens naar de Toetsingscommissie Gezondheidsgegevens. Dat doen we ook als de verzekerde overlijdt in het eerste jaar van de verzekering. Behalve als de verzekerde overlijdt door een ongeval. Vertrouwen we het ongeval niet? Dan sturen we de gegevens wel naar de Toetsingscommissie Gezondheidsgegevens.


De Toetsingscommissie onderzoekt of de verzekerde zich aan de mededelingsplicht hield.

De Toetsingscommissie geeft meestal binnen 3 maanden een advies
De arts van de Toetsingscommissie vraagt informatie op bij de huisarts of de arts van de overleden verzekerde. De commissie heeft deze tijd nodig omdat ze afhankelijk is van artsen die medische informatie geven.
De afspraken bij het onderzoeken van de mededelingsplicht

Het Verbond van Verzekeraars en de Koninklijke Nederlandsche Maatschappij tot bevordering der Geneeskunst maakten afspraken. Over hoe we om moeten gaan met het onderzoeken van de mededelingsplicht. In de brochure Convenant inzake toetsing mededelingsplicht gezondheidsgegevens leest u hier meer over.


Meer informatie over de Toetsingscommissie staat op www.vanatotzekerheid.nl. Hier leest u meer over hoe de commissie werkt. En over de regels die hierbij horen.

6. Wij laten de begunstigde(n) weten wat we uitkeren

Wij keren uit aan de begunstigde(n). Wij sturen de begunstigde(n) een brief als we een uitkering doen. In deze brief staat hoeveel we betalen aan de begunstigde(n). We keren het bedrag uit dat is verzekerd in de maand van overlijden. U vindt het verzekerd bedrag per maand terug op de polis. We keren het bedrag in 1 keer uit (eenmalige uitkering).
Aan wie keren we uit?
Aan de begunstigde(n) die op de polis staan
  • Als de polis is verpand (gekoppeld aan een lening of hypotheek) keren we eerst uit aan de pandhouder (bijvoorbeeld een bank of hypotheekverstrekker).
  • Is de uitkering uit deze verzekering groter dan de schuld? Dan keren we de rest uit aan de begunstigde(n).

Soms keren we niet of minder uit

Keren wij minder of niet uit aan de begunstigde(n)? Dan sturen wij de begunstigde(n) een brief. In deze brief leggen we uit hoeveel we betalen aan de begunstigde(n). Of waarom we niet uitkeren. Ook leggen we uit waarom we minder of niet uitkeren.
Wanneer keren we niet uit?
  • Als de verzekerde op de einddatum leeft.
    • Deze verzekering keert alleen uit als de verzekerde tijdens de looptijd overlijdt.
    • Op de einddatum volgt geen uitkering.
      • Omdat u met deze verzekering alleen risico’s verzekert.
      • U spaart niet met deze verzekering.
  • Als de verzekerde op of na de einddatum overlijdt.
  • Als de verzekerde overlijdt nadat u de verzekering stopte.
  • Als de verzekerde overlijdt nadat wij de verzekering stopten.
    • Bijvoorbeeld omdat u geen premie (meer) betaalde.
    • U bent alleen verzekerd op de dagen dat de verzekering loopt.
  • Als u de 1e premie niet betaalde.
    • Er is alleen dekking als wij de 1e premie binnen 60 dagen na de start van de verzekering bij u kunnen afschrijven.
    • Wij keren ook niet uit als u de 1e premie eerst wel betaalde maar later terughaalde (storneerde).
  • Als de verzekerde binnen 2 jaar na de start van de verzekering een poging tot zelfdoding doet. En daardoor overlijdt.
  • Als de verzekerde overlijdt bij een goedgekeurde (oorlogs)missie. En de regels voor medewerkers van het Ministerie van Defensie niet gelden.
    • We keren niet uit als de verzekering niet is gekoppeld aan de hypotheek (niet is verpand).
  • Als de verzekerde in een buitenlands leger meedoet aan een oorlog of een opstand.
  • Als de verzekerde een terrorist is. En overlijdt bij het uitvoeren van een terroristische actie of een aanslag.
    • Ook als de terrorist wordt gedood om een terroristische actie of aanslag te voorkomen.
      • Of wordt gedood om de gevolgen van de terroristische actie of aanslag te beperken.
  • Als de verzekerde in een land of gebied is waarvoor een negatief reisadvies geldt.
    • En de verzekerde overlijdt door een gebeurtenis die verband houdt met het negatief reisadvies.
      • Zoals oorlog, opstand, terrorisme of een uitbraak van een gevaarlijke ziekte.
    • Deze regel geldt niet voor verzekerden die werken voor de Nederlandse overheid.
      • Zoals ambassadepersoneel.
    • Het Ministerie van Buitenlandse Zaken geeft aan voor welke landen en gebieden een negatief reisadvies geldt.
  • Als wij verkeerde of misleidende informatie krijgen. Van u of van de verzekerde.
    • En wij met de juiste informatie geen verzekering met u zouden sluiten.
Wanneer keren we minder uit?
  • Bij terrorisme.
    • Dit hangt af van de uitkering die wij krijgen van de Nederlandse Herverzekeringsmaatschappij voor Terrorismeschaden N.V. (NHT).
    • Bij deze verzekering hoort het Clausuleblad van het NHT.
      • Hierin staat dat wij minder hoeven te betalen bij terrorisme.
      • Het clausuleblad staat op terrorismeverzekerd.nl.
      • U kunt het clausuleblad ook bij ons opvragen.
    • Met het NHT helpen verzekeraars elkaar om aan iedereen uit te kunnen keren.
      • Wij hebben het terrorismerisico herverzekerd bij het NHT.
      • Hoe dit precies werkt, kunt u nalezen op terrorismeverzekerd.nl.
  • Als niet alle premies zijn betaald.
    • We halen premies die niet zijn betaald van de uitkering af.
  • Als de verzekerde rookte. En premie is betaald voor een niet-roker.
    • We keren dan 50% van het verzekerd bedrag uit.
  • Als de verzekerde binnen 2 jaar na het verhogen een poging tot zelfdoding doet. En daardoor overlijdt.
    • We keren een verhoging van het verzekerd bedrag niet uit.
    • We kijken hierbij niet naar de psychische toestand van de verzekerde.
  • Als de regels voor medewerkers van het Ministerie van Defensie gelden.
    • Bij overlijden van de medewerker tijdens een goedgekeurde missie keren we nooit meer uit dan € 400.000,-
      • Dit bedrag kan veranderen als het ministerie en de verzekeraars nieuwe afspraken maken.
    • We keren alleen uit als de verzekering is gekoppeld aan de hypotheek en is verpand (aan bank of hypotheekverstrekker).
    • Is het verzekerd bedrag lager dan € 400.000,-? Dan keren we dat lagere bedrag uit.
  • Als wij verkeerde of misleidende informatie krijgen.
    • Als wij met de juiste informatie een lager bedrag zouden verzekeren voor de premie is betaald, dan keren we alleen dat lagere bedrag uit.
Wanneer keren we niet uit aan een begunstigde?
  • Als de begunstigde veroordeeld is voor de dood van de verzekerde.
    • En beroep tegen die veroordeling niet meer mogelijk is.
  • Als de begunstigde veroordeeld is voor het meewerken aan de dood van de verzekerde.
    • En beroep tegen die veroordeling niet meer mogelijk is.
  • Als wij van de wet niet mogen uitkeren aan de begunstigde.
    • Bijvoorbeeld als de begunstigde op een terroristenlijst staat.
    • Of als er een vermoeden is dat de uitkering wordt gebruikt voor witwassen.
  • Als de verzekerde overlijdt door opzet van de begunstigde.
    • Opzet betekent dat iemand bewust iets doet.
      • Terwijl hij weet dat iemand anders daardoor kan overlijden.
Wat gebeurt er met de uitkering wanneer we niet uitkeren aan een begunstigde?
Als 1 persoon als begunstigde is genoemd, gaat de uitkering naar de volgende begunstigde(n) in het rijtje. Als een groep begunstigden is genoemd, gaat de uitkering naar de andere begunstigden in die groep.
Wat als een begunstigde het er niet mee eens is dat we minder of niet uitkeren?
Dan kan hij of zij bezwaar indienen bij: specialezaken.leven@interpolis.nl.