Anti-inbraaktips van een ex-inbreker: "Een eenvoudige begroeting kan het verschil maken"

80% van de woninginbraken wordt gepleegd door gelegenheidsinbrekers, die op het moment zelf bepalen waar ze toeslaan. Ex-inbreker Evert Jansen vertelt hoe jij je woning minder aantrekkelijk maakt voor dit type inbreker.

Evert zet zijn ervaring als inbreker in om de inbraakveiligheid in woonwijken en huizen te vergroten

Dit doet hij door bewoners te wijzen op de inbraakgevoeligheid van hun woning tijdens zijn presentaties in wijkcentra, buurthuizen en verzorgingshuizen. Hij werkt hierin samen met de wijkagent, politie, gemeente en de overheid. Ook werkt hij aan onopgeloste inbraakzaken, waar hij wordt ingezet als ervaringsdeskundige. "Zo geef ik terug aan de maatschappij", zegt Evert.

Toon sociale betrokkenheid, want de huisselectie begint al in de wijk

Evert: "Inbrekers maken een wandeling door de wijk om te zien of ze worden opgemerkt. Worden ze begroet of kijken voorbijgangers weg als ze voorbij lopen? Een simpele ‘hoi’ of een knikje kan het verschil al maken. Zo laat je blijken dat je diegene echt hebt opgemerkt. En daarnaast: bespreek het met je buren als je iets opvalt of als je iets niet vertrouwt. Neem zo nodig ook contact op met de wijkagent of politie."

In een straat waar veel dezelfde woningen staan, is de kans op een 2e of 3e inbraak groter. Evert: "Vaak zijn hetzelfde type woningen op dezelfde manier ingedeeld en beveiligd. Dit maakt het voor een inbreker aantrekkelijk om nog een keer toe te slaan in dezelfde buurt. Door met je buurtbewoners in contact te blijven, kun je een oogje in het zeil houden voor elkaar en kun je zelf de nodige maatregelen nemen."

Maak het de inbreker zo moeilijk mogelijk

Inbrekers hebben gemiddeld 7 minuten nodig om in te breken en de spullen uit huis te halen. Zorg er dus voor dat je het ze zo moeilijk mogelijk maakt. "Alles draait om tijd", legt Evert uit. "Als de inbreker merkt dat het te lang gaat duren of ziet dat er geen beginnen aan is, slaat hij het huis over."

Evert noemt deze concrete tips om het inbrekers zo lastig mogelijk te maken:
  • Doe altijd de deuren en ramen op slot als je weggaat
    Evert: ‘Ik kan het niet vaak genoeg zeggen. Ook al ga je alleen even boodschappen doen, een brief posten of de kinderen van school halen. Een spleet of gekanteld bovenraam is al voldoende om binnen te komen’.
  • Maak flipperen onmogelijk met een anti-inbraakstrip
    Deze strip langs de lijst van de deur voorkomt dat de inbreker er met een plastic pasje langs kan gaan om zo de deur, als die niet op slot is, te openen.
  • Kies voor een slot met sluitkom
    Dit slot is (in tegenstelling tot oudere sloten die uitsteken) niet af te breken, te doorboren of los te wrikken. Een slot met sluitkom is helemaal van metaal, waardoor ook het ‘flipperen’ niet mogelijk is.
  • Belemmer het zicht van buitenaf
    "Inbrekers weten van tevoren niet wat ze in huis aantreffen", zegt Evert. "Als ze van buitenaf al een laptop op tafel zien liggen, is dat de minimale garantie voor een buit. Zorg dus dat het zicht van buitenaf minimaal is en dat jouw kostbaarheden niet in het zicht liggen." Het afschermen van jouw woning of spullen kan al door folie op de ramen of door gordijnen. Maar denk ook aan rolluiken, schuttingen of een berging.
  • Sluit de achterpoort af
    Voor het gemak laten mensen hun achterpoort vaak van het slot, maar dit maakt ook binnenkomen voor een inbreker makkelijker. Evert: "Een inbreker die achterom kan lopen, lijkt op een gewone bezoeker. Iemand die over een schutting klimt, is verdacht en kan opgemerkt en betrapt worden."
  • Berg gereedschap op
    Inbrekers zijn creatief. Volgens Evert maakt een inbreker gebruik van de omstandigheden en alles wat voor het grijpen ligt. De container, bezem of ladder in de tuin kunnen worden gebruikt om de woning binnen te komen.
  • Sluit de buitenstroom af
    Doe dit als je wat langer van huis bent. Evert: "Zo kunnen inbrekers hun apparatuur, die ze gebruiken om in te breken, niet op jouw stroomvoorziening aansluiten. Denk aan een boormachine."
  • Zet inbrekers in de schijnwerpers
    Goede buitenverlichting maakt het voor een inbreker minder aantrekkelijk om toe te slaan. "Een inbreker wil niet gezien worden", vertelt Evert. "Lampen zorgen er juist voor dat iemands aanwezigheid opvalt. Kies bij voorkeur voor verlichting met bewegingssensor. Dit schrikt af."

Berg waardevolle spullen op

Eenmaal binnen gaat een inbreker als een wervelwind tekeer. Hij heeft immers maar kort de tijd. Vaak weet hij waar hij moet zoeken. Leg jouw spullen dus niet op de voor de hand liggende plekken. Evert: "Nachtkastjes, lades met belangrijke papieren (soms met toegangscodes), jaszakken, in pannen of onder de kleding in de kledingkast zijn plekken waarvan inbrekers op de hoogte zijn. Kies dan liever voor een ingebouwde of zware kluis waar je jouw kostbaarheden in bewaart. Deze zijn moeilijk te openen of mee te nemen. Let ook op met contant geld en toegangscodes of wachtwoorden."