Zo maak je jouw huis brandveilig

Jaarlijks ontvangen we 2000 á 3000 schademeldingen door brand in de woning. 

Elk jaar zijn tientallen woningbranden helaas fataal. Dit waren er 30 in 2018, 19 in 2019 en 31 in 2020, blijkt uit de jaarlijkse onderzoeken van de Brandweer. Gelukkig is er veel wat je zelf kunt doen om de kans op een brand in huis te verkleinen. Risicodeskundige Hans Berghuis benoemt de tips - zoals het gebruiken van originele opladers en het oefenen van de vluchtroute - aan de hand van een aantal thema’s.

Onoplettendheid

Berghuis: ‘Onoplettendheid zorgt voor de meeste woningbranden. Door bewuster om te gaan met vuur kan er veel ellende en schade worden voorkomen‘.

  • Hou je aandacht erbij als je bezig bent met vuur of hittebronnen. Laat je niet afleiden. Wordt er aangebeld terwijl je staat te koken? Draai het gas dan even uit.

  • Zorg voor een stabiele ondergrond van vuur of hittebron (kaarsen of barbecue) en voldoende afstand tot andere voorwerpen, mensen of dieren.

  • Berg lucifers, aanstekers en licht ontvlambare stoffen goed op. Kinderen experimenteren graag en spelen met vuur is letterlijk levensgevaarlijk.

  • Laat hete voorwerpen afkoelen voordat je ze opbergt of weggooit. Denk aan gereedschap en brandhout, een peuk of kolen die nog lange tijd kunnen smeulen.

Techniek

Berghuis: ‘Ons dagelijks leven wordt mogelijk en makkelijker gemaakt door allerlei technische apparaten en installaties. Een juiste installatie, goed onderhoud en gebruik zijn erg belangrijk.’

  • Gebruik de aanwezige stopcontacten en zo min mogelijk verlengsnoeren en stekkerdozen.
    Hoe meer apparaten er worden aangesloten op 1 stopcontact, hoe groter de belasting op het elektrisch netwerk. Een overbelasting van het netwerk kan leiden tot het doorslaan van de stoppen, hittevorming of kortsluiting. Soms met brand tot gevolg. Gebruik je toch verlengsnoeren en stekkerdozen? Rol ze dan helemaal uit om opwarming en kabelbreuk te voorkomen.

  • Verdeel aangesloten apparaten over de verschillende groepen in de meterkast.
    Grote apparaten zoals een wasmachine of droogtrommel verbruiken veel stroom. Om overbelasting op het netwerk te voorkomen sluit je wasmachine bijvoorbeeld aan op de ene groep en de droogtrommel op een andere.

  • Maak van je meterkast geen opbergkast.
    In de meterkast komen alle aansluitingen samen. De kans op storing en ook brand is hier groot. Sla daarom geen (brandbare) spullen op in de meterkast.

  • Ontkoppel apparaten of zet ze uit in plaats van op ‘standby’.
    Ook in ‘standby-stand’ verbruiken apparaten stroom. Apparaten die langdurig onder spanning staan, kunnen oververhit of beschadigd raken. Koppel je mobiele telefoon dus af als die opgeladen is en haal de stekker uit het stopcontact. Zo voorkom je ook dat de accu ‘overladen’ raakt. Een ‘overladen’ accu is minder betrouwbaar en vormt een groter risico op brand. Ook kunnen er giftige gassen vrijkomen.

  • Gebruik originele accu’s en opladers.
    Er zijn nagemaakte, goedkopere laders op de markt. Dat deze goedkoper zijn heeft een reden. De laders zijn vaak van slechte kwaliteit en minder betrouwbaar dan originele laders.

  • Ga voor LED in plaats van gloeilampen of halogeenlampen.
    Ledlampen zijn zuinig en worden in tegenstelling tot gloeilampen en halogeenlampen niet heet.

  • Zorg voor een veilige installatie van zonnepanelen.
    Laat de installatie altijd doen door een erkende installateur of laat deze na installatie checken. Interpolis kan hierbij helpen. 

Zaken die brand versnellen of zorgen voor rookontwikkeling

Berghuis: ‘Als je kijkt naar de oorzaken van brand, dan heeft dat niks te maken met hoe je woning is gebouwd. Maar de impact is wel anders. Heb je een container naast het huis staan die in brand staat, dan is de kans groot dat de brand overslaat op de houten gevel en vervolgens de hele woning. Bij een stenen buitengevel is die kans veel kleiner. Bij een brand ín de woning geldt hetzelfde principe’.

  • Weet welk materiaal er in je huis verwerkt zit. Je kunt brandbare materialen laten behandelen zodat ze minder vatbaar zijn voor vlammen. Of gewoon voor een veiliger materiaal kiezen. Denk aan brandwerende deuren en isolatieplaten of vloertegels in plaats van vloerbedekking. Bij de bouwmarkt kun je terecht voor advies en materialen.

Aanvullende preventiemaatregelen

  • Regelmatige schoonmaak en onderhoud.
    Van bijvoorbeeld de CV-ketel, schoorsteen, afzuigkap en wasdroger. Je kunt ook een woninginspectie ,type NEN 8025, laten uitvoeren. Bij deze woninginspectie wordt de woning gekeurd op de veiligheid van technische installaties en technische voorzieningen. Ook krijg je advies om eventuele risico’s weg te nemen. De NEN 8025 wordt gebruikt als norm om aan te tonen dat de veiligheid van de woning voldoet aan het minimaal aanvaardbare maatschappelijk veiligheidsniveau.
    Heb je een huurwoning? Vaak is dan de verhuurder verantwoordelijk voor het onderhoud. Ga dan bij de verhuurder na hoe dit is geregeld. Zorgen zij voor schoonmaak en onderhoud of mag jij op hun kosten een specialist langs laten komen?

  • Ontkoppel elektrische apparaten bij noodweer of onweer.
    Bliksem kan inslaan en leiden tot kortsluiting waardoor elektrische apparaten kapot gaan en er brand kan ontstaan

  • Zorg voor het juiste blusmiddel op plekken waar de kans op brand het grootst is.
    Het juiste blusmiddel hangt af van de soort brand. Denk aan de een branddeken in de keuken en juist een kooldioxideblusser bij het blussen van elektrische apparaten.

  • Zorg ervoor dat rook en extreme hitte direct wordt opgemerkt. 
    Berghuis: ‘De tijd die je hebt om een brand te blussen of het huis te ontvluchten is erg kort. Daarom is het erg belangrijk dat je er zo vroeg mogelijk bij bent’. Er bestaan rookmelders en hittemelders en combinaties van de twee. Lees welk soort geschikt is voor welke ruimte en hoe je deze bevestigd

Vluchtveiligheid

Als er toch een brand ontstaat die je niet snel genoeg kunt doven zul je moeten vluchten. Hier heb je gemiddeld maar 3 minuten de tijd voor.

  • Oefen de vluchtroute met al jouw huisgenoten.
    Berghuis: ‘Door te weten wat je moet doen in een panieksituatie vergroot je de kans te ontkomen aan de brand.’ Rook zorgt voor slecht of geen zicht wat het vluchten lastiger maakt. Oefen de vluchtroute dan ook eens met gesloten ogen.

  • Zorg voor meerdere vluchtroutes.
    Is er maar 1 of geen vluchtroute? Maak er dan zelf een, bijvoorbeeld door middel van een vluchtladder op de eerste verdieping.
Man staat in woonkamer.

Hans ging langs bij Roos die zich zorgen maakte over de brandveiligheid van haar houten huis. Hij liep samen met haar de woning door en bespraken wat ze kan doen om de woning brandveiliger te maken voor haar gezin. Lees de ervaring van Roos en de tips die zij kreeg van onze risicodeskundige Hans Berghuis.